Nog altijd denken velen: duurzaam is duur. Dat geldt alleen voor partijen die verduurzaming niet goed voorbereiden. Organisaties die het slim aanpakken, constateren juist precies het tegenovergestelde. Hun vastgoed wordt meer waard, doordat ze op tijd toekomstvaste maatregelen nemen. De gebruikerstevredenheid gaat omhoog, de huurcontracten lopen langer. De prijs per m2 stijgt, terwijl de energiekosten en de CO2-uitstoot dalen.
Lees verder...
Zero Emission Building (ZEB)
Toekomstvaste gebouwen
De EPBD IV maakt van Zero Emission Buildings (ZEB) de nieuwe standaard voor vastgoed. Deze norm eist niet alleen emissievrije nieuwbouw, maar dwingt vastgoedeigenaren ook tot verplichte renovatiepaden voor bestaande gebouwen.
Zero Emission Buildings onder EPBD IV
De introductie van de ZEB-norm staat niet op zichzelf. Met de EPBD IV (Energy Performance of Buildings Directive) verlegt de Europese Unie de focus van losse verduurzamingsmaatregelen naar integrale oplossingen voor de gehele levenscyclus van gebouwen. De ZEB-norm raakt beslissingen die je vandaag neemt over je gebouw: van ontwerp en renovatie tot en met de exploitatie van je vastgoed.
Van BENG naar ZEB
Een Zero Emission Building gaat een stap verder dan de huidige BENG-eisen. Waar BENG vooral stuurt op energiezuinigheid, eist ZEB dat een gebouw in het gebruik geen CO2-uitstoot veroorzaakt. Dit rust op drie concrete pijlers:
- Extreem lage energievraag:
Maximale isolatie, uitstekende kierdichting en warmteterugwinning (WTW) om de energiebehoefte in de kiem te smoren. - Geen fossiele emissies op locatie:
Aardgas verdwijnt. Verwarmen en koelen gebeurt via all-electric warmtepompen, bodemenergie (WKO) of een duurzaam warmtenet. - Maximale hernieuwbare opwek:
De resterende energievraag wordt opgevangen met zonne-energie (PV) of andere lokale hernieuwbare bronnen.
Nu al rekening houden met ZEB
De route naar een emissievrije portefeuille vraagt om een langetermijnvisie die effect heeft op je huidige investerings- en onderhoudsplanning. Wachten tot de 2030, wanneer de regeling in gaat, betekent in veel gevallen dat je maatregelen in korte tijd en met hogere kosten moet realiseren.
Daarnaast gelden er tussentijds al strengere randvoorwaarden vanuit de EPBD IV, om bijvoorbeeld de slechtst presterende energielabels in de bestaande bouw uit te faseren (MEPS) of de verplichting om niet alleen het operationele energieverbruik, maar ook de CO2-impact van de gebruikte bouwmaterialen aan te tonen (WLC / GWP)
Van ZEB-eisen naar een haalbare portefeuille-strategie
De weg naar ZEB volgt het principe van de Trias Energetica. Het begint met het minimaliseren van de energie- en warmtevraag.
De volgende stap is fossielvrij verwarmen en koelen, vaak gecombineerd met hernieuwbare opwek via PV-panelen. Maar hoe zorg je dat je ondanks congestieproblematiek tóch kunt verduurzamen?
Sturen op de ZEB-norm is geen keuze, het is de volgende stap naar een duurzame gebouwde omgeving. Daar kom je niet door het afvinken van losse verduurzamingsprojecten maar door de EPBD IV mee te nemen in je routekaart of DMJOP.
Toekomstvaste gebouwen
Waarde verhogen dankzij route voor verduurzaming
Meer weten?
Laat uw gegevens achter en Albert zal snel contact met u opnemen.