Hogere CO₂-emissies door gewijzigde rekenmethodiek NTA8800
Nieuws
De hogere CO2-uitstoot die veel organisaties sinds mei terugzien in hun benchmarks betekent niet dat woningen ineens slechter presteren. De stijging is het gevolg van nieuwe emissiefactoren en aangepaste rekenregels in de NTA8800. Een goede duiding van deze methodewijziging is daarom essentieel om prestaties eerlijk en transparant te beoordelen.
Hogere CO2-emissies door gewijzigde rekenmethodiek NTA8800
De hogere CO2-uitstoot die veel organisaties sinds mei terugzien in hun benchmarks betekent niet dat woningen ineens slechter presteren. De stijging is het gevolg van nieuwe emissiefactoren en aangepaste rekenregels in de NTA8800. Een goede duiding van deze methodewijziging is daarom essentieel om prestaties eerlijk en transparant te beoordelen.
Stijging gerapporteerde CO2-uitstoot
Woningcorporaties, vastgoedbeheerders en gebouweigenaren zien sinds juni een opvallende stijging in de gerapporteerde CO2-uitstoot van hun vastgoedportefeuille. In sommige benchmarks loopt de toename zelfs op tot 15 à 20 procent. Dat roept de vraag op of de CO2-uitstoot daadwerkelijk zo sterk gestegen is, of dat er een andere verklaring is. In de meeste gevallen is er geen sprake van een verslechtering van de energieprestaties, maar ligt de verklaring in een wijziging van de rekenmethodiek.
Nieuwe CO2-kengetallen
Sinds 29 mei 2026 zijn de kengetallen die worden gebruikt voor de omrekening van energieverbruik naar CO2-emissie aangepast. Deze emissiefactoren bepalen hoeveel kilogram CO2 wordt toegerekend per kilowattuur elektriciteit, warmte of brandstof. Door nieuwe inzichten, aangepaste uitgangspunten en actualisaties van nationale databronnen zijn deze factoren herzien. Hierdoor leidt hetzelfde energieverbruik nu tot een andere berekende CO2-uitstoot dan voorheen.
Naast de CO2-kengetallen zijn er ook andere rekenregels aangepast in de rekenmethode. Uit analyses is gebleken dat de toename van de CO2-emissie vrijwel volledig is toe te schrijven aan de CO2-kengetallen. De berekende energiegebruiken zijn nagenoeg gelijk. Voor corporaties die de energieprestatie van hun woningvoorraad monitoren heeft dit gevolgen. De CO2-emissie per woning is nu ineens toegenomen, zonder dat er fysiek iets aan het gebouw is veranderd.
Vergelijken wordt lastiger
De methodiekwijziging heeft vooral gevolgen voor de vergelijkbaarheid van cijfers in de tijd. Trendanalyses, benchmarkrapportages en duurzaamheidsdoelstellingen zijn vaak gebaseerd op een consistente meetmethode. Wanneer de onderliggende emissiefactoren veranderen, ontstaat een zogenoemde "methodebreuk". Daardoor zijn CO2-cijfers van vóór en na de wijziging niet één-op-één met elkaar te vergelijken. Wie uitsluitend naar de einduitkomst kijkt, kan ten onrechte concluderen dat de portefeuille minder duurzaam is geworden, terwijl feitelijk alleen de rekenwijze is aangepast.
Wat betekent dit voor woningcorporaties?
Voor woningcorporaties is het belangrijk om deze ontwikkeling actief toe te lichten aan management, toezichthouders en andere stakeholders. De energierekening van de huurder is niet veranderd, het energieverbruik van de woning evenmin. Wat verandert, is de vertaling van dat verbruik naar een CO2-indicator. Daarom is het aan te bevelen om bij CO2-rapportages expliciet te vermelden dat er sprake is van een aangepaste methodiek. Alleen dan kunnen resultaten op een juiste manier worden geïnterpreteerd en kunnen onterechte conclusies worden voorkomen