Wijziging norm leidt tot stijging woninginspecties

Wijziging norm leidt tot stijging woninginspecties

Op 20 september 2016 is een nieuw interpretatiedocument  behorende bij ISSO 82.1 en BRL 9500-01 gepubliceerd. Interpretatiedocumenten zijn aanvullingen op bestaande normen en hebben dezelfde juridische waarde als deze normen. In de onlangs gepubliceerde norm is een belangrijke procedurele wijziging beschreven over het minimum aantal te bezoeken woningen in geval van representativiteit. Gevolg hiervan is dat het aantal van binnen te bezoeken woningen aanzienlijk zal stijgen, met als doel de kwaliteit van de energieprestatiedata te verhogen.

Verhogen kwaliteit energieprestatiedata

Om in aanmerking te komen voor de STEP subsidie, is het van belang om woningen af te melden vóór renovatie. Op deze manier is de nul situatie vastgelegd. In juli 2015 kwam aan het licht dat de kwaliteit van de afgemelde woningdata vóór renovatie van onvoldoende kwaliteit was als basis voor subsidieverstrekking. Eén van de maatregelen om de datakwaliteit te verbeteren, was een verduidelijking van de STEP regeling in de Staatscourant. Tegelijk is aangekondigd dat brancheorganisaties, Aedes en certificeringsorganisaties met elkaar in gesprek gaan om de data- en proceskwaliteit van de bepaling van de Energie-Index te verhogen. Een van de uitkomsten hieruit is, dat er nu een minimum aantal te bezoeken woningen binnen een bepaalde selectie is vastgelegd.

Omvang steekproef verhoogd

In de BRL 9500-01 staat dat niet elke gelijkende woning van binnen bezocht hoeft te worden, indien de EPA opnemer/adviseur er zeker van is dat de juiste informatie beschikbaar is. Het aantal daadwerkelijk te bezoeken woningen werd dus gebaseerd op de inschatting van de EPA opnemer/adviseur. In het nieuwe interpretatiedocument is dit aantal hard gekwantificeerd (zie tabel 1). Bovendien is beschreven op welke wijze de woningen uit de steekproef geselecteerd moeten worden.

Aantal vhe’s  in populatie Eerste steekproef
(aantallen vhe’s)
Tweede steekproef
(aantallen vhe’s)
1 t/m 10 Allemaal
11 t/m 14 10
15 t/m 19 14
20 t/m 24 15
25 t/m 29 17
30 t/m 39 19
40 t/m 49 24 7
50 t/m 59 26 8
60 t/m 99 33 9
100 t/m 199 36 9
200 t/m 299 37 9
300 t/m 399 37 10
400 t/m 499 38 10

Tabel 1 – Steekproefomvang

De omvang van de steekproef is afhankelijk van het aantal woningen binnen de populatie. Een populatie is vrij te kiezen en bestaat uit een groep overeenkomstige woningen, bijvoorbeeld een complex. Binnen de steekproef mag maximaal 5% van de woningen afwijken. Als meer woningen afwijken, dient (als de populatie uit minimaal 40 woningen bestaat) een tweede steekproef genomen te worden. Indien meer woningen afwijken van elkaar dan is toegestaan, dan zullen alle woningen bezocht moeten worden.

Afwijkingen van representativiteit

Om representativiteit toe te mogen passen, moeten de woningen een gelijkenis vertonen zoals beschreven in de richtlijn. In onderstaande gevallen is het mogelijk dat representativiteit komt te vervallen, behoudens zeer kleine afwijkingen, bijvoorbeeld wanneer:

  • Verschillende typen glas zijn toegepast.
  • De isolatiegraad van woningen verschilt.
  • Verschillende typen verwarmingsketels zijn toegepast.

In de praktijk zal dit echter op grote schaal voorkomen. Het is daarom ook de verwachting dat in veel gevallen alle woningen binnen een complex/populatie bezocht moeten worden.

Gevolgen extra woninginspecties

De extra woninginspecties die in het kader van het nieuwe interpretatiedocument noodzakelijk zijn, zullen in de regel minder intensief zijn dan reguliere woninginspecties. Zo zal het inmeten van deze extra te inspecteren woningen zelden nodig zijn. De inspecties zijn vooral gericht op de woningcomponenten die niet goed van buiten waar te nemen zijn. Denk hierbij aan het type glas in de achtergevel, de verwarmingsinstallatie, de binnenzijde van het dak etc.

De individuele extra inspectietijd is beperkt, maar het aantal inspecties neemt toe. Dit heeft als gevolg dat de overall inspectietijd van woningen behoorlijk toe gaat nemen door de nieuwe regelgeving. Een hoger aantal woningbezoeken vraagt tegelijk ook om meer bewoners die toegang moeten verlenen tot hun woning. Dit betekent dan ook een verschuiving in de tijdsblokken voor woningbezoeken naar de late middag/vroege avonduren om aan de volledige steekproef aantallen te kunnen voldoen.

 


Facebooktwitterlinkedinmail